HBO Ergotherapie · Praktijkonderzoek

Werkmap praktijkonderzoek & startnotitie

Twee documenten bij elkaar: een uitgewerkt werkdocument voor jouw eigen project, en een voorbeeld-startnotitie op een ander onderwerp om de vorm van te leren.

1 · Werkdocument Loophulpmiddelen bespreekbaar maken — jouw project, in 9 onderzoeksstappen + businessplan.
2 · Voorbeeld-startnotitie Thuiswerkers & ergonomie — een ander onderwerp, puur ter inspiratie voor de vorm.
Document 1 · Werkdocument

Loophulpmiddelen bespreekbaar maken

Jouw project — uitgewerkt, om naast de rubric te leggen terwijl je werkt.

Een werkdocument, geen eindverslag. De uitgewerkte stukken zijn een voorbeeld of startpunt; de delen die zo zijn gemarkeerd — [ … ] — vul je zelf in.
Werktitel idee
Familie-toolkit + app om het gesprek over loophulpmiddelen te openen — zonder schaamte.
Onderwerp onderzoek
Waarom thuiswonende ouderen het gebruik van een rollator of loopstok uitstellen, en wat naasten nodig hebben om dat gesprek aan te gaan.

1De rode draad

De rubric beoordeelt drie dingen. Houd ze als kapstok aan:

  1. De fases signaleren → oriënteren → onderzoeken zijn herkenbaar gevolgd.
  2. Het businessplan bevat een marketingplan, een financieel plan en een risicoanalyse.
  3. Elke keuze is onderbouwd met literatuur of met je eigen onderzoek.

Punt 3 is waar het cijfer omhoog of omlaag gaat. Bij elke keuze die je maakt — waarom een app, waarom video's, waarom deze doelgroep, waarom interviews — moet ergens staan waarom, met een bron of een onderzoeksresultaat erbij. Schrijf nooit "wij denken dat" zonder onderbouwing.

Zo hangen de fases samen:

FaseWat het isWaar het in dit project zit
SignalerenHet probleem in de praktijk benoemenHoofdstuk 2
OriënterenLiteratuur erbij: wat is al bekend?Hoofdstuk 3
OnderzoekenEigen praktijkonderzoek (de 9 stappen)Hoofdstuk 4
(Uitwerking)Het idee als businessplanHoofdstuk 5

2Signaleren — het probleem

Een sterke signaleren-paragraaf laat zien: er is een echt probleem, het raakt de doelgroep, en het past bij ergotherapie. Voorbeelduitwerking om aan te scherpen:

Thuiswonende ouderen stellen het gebruik van een loophulpmiddel — met name een rollator of een loopstok — vaak uit tot het echt niet anders meer kan. Daardoor lopen zij langer rond met een verhoogd valrisico en raken zij beperkt in hun mobiliteit, vrijheid en zelfstandigheid. Rondom loophulpmiddelen hangt een taboe: het gebruik wordt geassocieerd met "oud zijn" en met afhankelijkheid. Naasten zien de noodzaak vaak eerder dan de oudere zelf, maar ervaren dat het gesprek erover moeilijk te openen is en al snel voelt als iets opdringen. Zo blijft een gesprek dat de zelfstandigheid juist zou kunnen verlengen, te lang uit.

Koppel het expliciet aan ergotherapie. Mobiliteit, eigen regie, autonomie en betekenisvol handelen zijn kernbegrippen van het vak. Een loophulpmiddel uitstellen kost juist participatie en zelfstandigheid. Eén of twee zinnen die dit benoemen maken je signaleren direct sterker en relevanter voor jullie opleiding.

3Oriënteren — literatuuronderzoek

Hier verzamel je wat al bekend is. Dit voedt zowel je probleemonderbouwing als je productkeuzes. Zoek gericht naar:

Voor de onderzoeksmethodiek zelf is je kernbron: Wouters, E., Zaalen, Y. van, Bruijning, J. Praktijkgericht onderzoek in de (para)medische zorg. Bussum: Coutinho; 2021.

4Onderzoeken — praktijkonderzoek in 9 stappen

1Vooronderzoek

Verzamel achtergrondinformatie via literatuur, vóór je zelf data ophaalt.

VraagMogelijke bron
Welke loophulpmiddelen gebruiken thuiswonende ouderen, en wat zijn de voor- en nadelen?Vilans / Hulpmiddelenwijzer, VeiligheidNL, artikelen
Waarom stellen ouderen het gebruik van een loophulpmiddel uit? Wat is bekend over taboe en stigma?Wetenschappelijke artikelen
Welke rol speelt de naaste bij de beslissing om een hulpmiddel te gaan gebruiken?Artikelen, MantelzorgNL
Wat is de rol van de ergotherapeut bij hulpmiddeladvies en het ondersteunen van eigen regie?Ergotherapie Nederland, beroepsprofiel
Bestaan er al vergelijkbare apps of toolkits?App stores, internet (concurrentiescan)

2Vraagstelling

Jullie bevragen twee groepen, dus twee deelvragen. Beide moeten niet alleen het probléém verklaren, maar ook concreet jullie toolkit voeden.

  1. Richting ouderen: Wat maakt dat thuiswonende ouderen terughoudend zijn om een loophulpmiddel (rollator of loopstok) te gebruiken of erover te praten?
  2. Richting naasten: Wat ervaren naasten als zij het gesprek over een loophulpmiddel willen aangaan, en wat hebben zij nodig om dat gesprek makkelijker te maken?
Denk na over je rollen: de oudere is je gebruiker, de naaste is vaak de beïnvloeder en in jullie geval ook de betaler. Dat je beide groepen bevraagt is dus logisch — leg dat in je verslag ook zo uit.

3Methode kiezen en beschrijven

Onderbouwde keuze: kwalitatief onderzoek, omdat er weinig bekend is over het onderwerp en jullie ervaringen, gevoelens en betekenis willen begrijpen — en omdat je bij een gevoelig onderwerp als schaamte moet kunnen doorvragen.

Onderbouw met je methodebron (Wouters et al., paragraaf over kwalitatief onderzoek / interviews).

4Voorbereiding methode

Respondenten beschrijven:

Plan voor werven: eigen netwerk en familie, eerstelijns(ergotherapie)praktijken of stageplekken, lokale ouderenorganisaties of buurthuizen, docenten. Werk je met een kwetsbare doelgroep — wees zorgvuldig.

Voorbereiden: topics formuleren, per topic interviewvragen, en een interviewformulier opstellen. Mogelijke topics:

Ethiek: vraag toestemming (informed consent), verwerk anoniem, en wees voorzichtig — schaamte en afhankelijkheid zijn gevoelige onderwerpen.

5Check en akkoord projectdocent

Laat je vraagstelling, methodebeschrijving en interviewformulier eerst door je projectdocent checken. Vraag om geschreven feedback en laat ook de definitieve versie zien vóór je data verzamelt.

6Data verzamelen

Neem de interviews af in een rustige setting (kan ook digitaal). Vraag toestemming om op te nemen voor verwerking. Bereid elk interview goed voor.

7Data uitwerken

Maak een letterlijk transcript van elk interview. Werk eventuele open vragen overzichtelijk uit.

8Data analyseren

Kwalitatieve analyse: orden alle antwoorden per thema, en binnen een thema de antwoorden die bij elkaar passen. Thema's komen uit je data, maar verwacht bijvoorbeeld richtingen als: schaamte en identiteit, praktische drempels, rol van de omgeving, en wat zou helpen.

9Verslaglegging

5Het businessplan

Marketingplan

Financieel plan

Een eenvoudige begroting volstaat (basisniveau). Zet tegenover elkaar:

PostTypeBedrag (schatting)
App-ontwikkelingEenmalig[ … ]
Video's producerenEenmalig[ … ]
Onderhoud / hostingPer jaar[ … ]
MarketingPer jaar[ … ]
Prijs per gebruikerInkomsten[ … ]

Risicoanalyse

Benoem risico's én een aanpak (mitigatie) per risico:

6Checklist tegen de rubric

Document 2 · Voorbeeld

Voorbeeld-startnotitie

Een ander onderwerp dan dat van jou — om de vorm van te leren, niet om over te nemen.

Let op: dit voorbeeld gaat bewust over een ander onderwerp (thuiswerkers & ergonomie). Het laat zien hoe een startnotitie is opgebouwd en hoe uitgebreid die ongeveer is. Het volgt de structuur uit paragraaf 2.6.1 van jullie boek: een startnotitie legt vooraf vast waarom, wat, voor wie, wie, wanneer, waar, aan welke randvoorwaarden en hoe. Het fundament is het doel — formuleer dat concreet en meetbaar, gericht op het resultaat en niet op de activiteiten.
Onderwerp van dit voorbeeld
Lichamelijke klachten bij thuiswerkers door een slecht ingerichte thuiswerkplek.

Waarom — de aanleiding

Sinds thuiswerken voor veel kantoormedewerkers normaal is geworden, werken mensen vaak aan de keukentafel of op de bank, met een laptop zonder los scherm of toetsenbord. Dit leidt tot nek-, schouder- en rugklachten. Werknemers leggen het verband met hun werkplek vaak pas laat, weten niet goed hoe ze hun plek beter inrichten, en werkgevers hebben thuis minder zicht op de werkplek dan op kantoor. De klachten kunnen leiden tot verminderd functioneren en uiteindelijk tot verzuim.

Wat — het doel

Het fundament van de startnotitie. Formuleer het concreet, meetbaar en gericht op het resultaat.

"Op [einddatum] ligt er een met literatuur en praktijkonderzoek onderbouwd concept voor een digitale thuiswerkplek-scan, inclusief een businessplan met een marketingplan, een financieel plan en een risicoanalyse."

Let op het verschil dat het boek benoemt: dit is een resultaat ("er ligt een onderbouwd concept"), geen activiteit ("we nemen interviews af"). Jullie boek geeft hierna nog een korte uitleg over het concreet en meetbaar maken van doelen — gebruik die om dit verder aan te scherpen.

Voor wie — de doelgroep

Wie — de opdrachtgever

[In een studieproject: vul in wie jullie opdrachtgever is — bijvoorbeeld de opleiding, een projectdocent of een (fictieve) praktijkorganisatie.]

Wie — het projectteam

Wanneer — de planning

Waar — afbakening

De innovatie richt zich op thuiswerkende kantoormedewerkers [afbakening: bijvoorbeeld een bepaalde sector of bedrijfsgrootte]. Hiermee baken je tegelijk je "markt" af voor het businessplan.

Randvoorwaarden / criteria

Hoe — de werkwijze

Projectmatig. Het idee wordt onderbouwd via literatuuronderzoek en een praktijkonderzoek (de 9 stappen) en uitgewerkt tot een businessplan. [Eerste schets van het onderzoek: kwalitatief, waarschijnlijk interviews met thuiswerkers; de onderzoeksvraag en methode worden na het vooronderzoek definitief gemaakt.]